AI en de arbeidsmarkt in 2026: waarom statistieken een vertekend beeld geven


De impact van kunstmatige intelligentie op de arbeidsmarkt is een van de meest besproken thema’s richting 2026. Verwachtingen lopen uiteen van grootschalige baanverdringing tot juist productiviteitsgroei en nieuwe functies. Beleidsmakers, werkgevers en onderzoekers kijken daarbij vaak als eerste naar bekende bronnen zoals de cijfers van het UWV en het CBS.
Die statistieken zijn waardevol, maar ze vertellen niet het hele verhaal. Wie de invloed van AI écht wil begrijpen, moet verder kijken dan macroniveau-indicatoren en aandacht hebben voor wat er onderliggend gebeurt op functieniveau.
In de statistiek bestaat het begrip ecological fallacy: de denkfout waarbij conclusies op macroniveau worden doorgetrokken naar het microniveau, terwijl daar juist heel andere dynamieken spelen.
Toegepast op de arbeidsmarkt betekent dit het volgende: het kan zijn dat het totaal aantal banen, werkloosheidscijfers of sectorverdelingen nauwelijks veranderen, terwijl binnen organisaties en functies ingrijpende verschuivingen plaatsvinden. Wie alleen naar de totalen kijkt, mist daardoor een belangrijk deel van de werkelijkheid.
Onze verwachting is dat de arbeidsmarktstatistieken in 2026 geen extreme schokken zullen laten zien. Het aantal banen zal vermoedelijk niet massaal instorten en veel mensen blijven formeel gewoon in dienst bij dezelfde werkgever. Dat betekent echter niet dat AI weinig impact heeft. Integendeel. De grootste verandering voltrekt zich niet tussen banen, maar binnen banen.
AI zorgt ervoor dat takenpakketten verschuiven. Routinematige, administratieve en analytische werkzaamheden worden steeds vaker ondersteund of deels overgenomen door AI-systemen. Tegelijkertijd neemt het belang toe van:
Het gevolg is dat functieprofielen inhoudelijk veranderen, terwijl functietitels en contractvormen vaak hetzelfde blijven. Op papier verandert er weinig; in de praktijk verandert er veel.
Traditionele arbeidsmarktdata zijn vooral ingericht op aantallen: banen, contracten, sectoren en werkloosheid. Ze zeggen weinig over de inhoud van werk. Kwalitatieve verschuivingen in taken, vaardigheden en verantwoordelijkheden blijven daardoor grotendeels buiten beeld.
Dat maakt het risico reëel dat we achteraf concluderen dat AI “wel meevalt” voor de arbeidsmarkt, terwijl professionals ondertussen hun werk ingrijpend hebben moeten herontwerpen.
Wie de impact van AI serieus wil nemen, moet zich minder richten op alleen macro-indicatoren en meer op:
Juist deze onderliggende ontwikkelingen bepalen hoe werk er in de praktijk uitziet en welke aanpassingen nodig zijn in opleiding, HR-beleid en organisatie-inrichting.

